July 30, 2026

Hulde aan mijn jeugd - Gedicht door Stella Jansen

Hulde aan de stad, het landschap en de omgeving waar wij onze jeugd door brachten.

 
Gerimpeld ligt voor mij oog

het water, overal.

Als een wijd meer

met daarboven

de laagvliegende meeuwen.

Langzaam zie ik toch de nevelige gloed

van de rozig opkomende zon,

en de molen, statig in het nog zichtbare, 

blote land.

Aan de andere kant zie ik ook

de stad, de toren van de Grote Kerk,

de zusters van de Berg.

Het sluimert nog bijna alles daar.

Het is stil en vredig

al suist het verkeer

op de hoge brug langs mij.

Ik hoor het niet,

ik neem slechts waar

wat het turend oog mij biedt.

Een schoonheid van een buiten zijn oevers getreden IJssel

aan de rand van een schijnbaar nog middeleeuwse stad.

De lucht, de innerlijke stilte die het uitstraalt,

al dit,

de Natuur…

Voor ik het weet, glijd ik dan te ver

op mijn fiets over de brug,

kom in de stad.

De schone betovering is weg,

valt van mij af.

Maar ook deze ochtend zoals zo vele

heb ik genoten van de schoonheid

om mij heen.

Ik vergat de kou die ik weer trotseerde,

voor dit schouwspel,

Deventer,

IJssel

en land.


Geschreven 3 januari 1967 door Stella Jansen